Hoe ver spring je met de cash voor je bedrijfswagen ?


Vanaf volgend jaar kunt u uw bedrijfswagen inruilen voor harde valuta. 
Zonder dat u plots fors meer belast wordt. Hoeveel mag u op uw bankrekening verwachten? 
En bent u dan beter af met geld dan met uw bolide?

Misschien hebben u en uw partner elk een uit de kluiten gewassen bedrijfswagen. Of u woont op wandelafstand van uw werk en laat de wagen van uw werkgever doorgaans aan de kant. Of hebt u een bloedhekel aan de files en verkiest u het openbaar vervoer. Een bedrijfswagen mag dan een fiscaalvriendelijk deel van een loonpakket zijn, niet iedereen heeft er een boodschap aan. Vanaf 1 januari 2018 kunt u uw bedrijfswagen inruilen voor harde centen. Zonder dat u plots meer belastingen moet betalen.

Het kernkabinet bereikte vorige week een akkoord over de mogelijkheid om een bedrijfswagen om te ruilen voor extra nettoloon. Er moet nog een akkoord volgen in de voltallige regering. Vervolgens moet het ontwerp naar de Raad van State. Wat in dit artikel volgt, is gebaseerd op de teksten zoals ze nu voorliggen, dus onder voorbehoud van wijzigingen in het verdere wetgevende proces.

Na een jaar wordt het systeem geëvalueerd. Met de huidige plannen zal het niet mogelijk zijn om bijvoorbeeld een bedrijfswagen in te ruilen voor een kleiner exemplaar aangevuld met een abonnement voor het openbaar vervoer. Nochtans toonden de vakbonden en de werkgeversorganisaties zich eerder een voorstander van die formule.

De vraag is of veel werknemers op het aanbod zullen ingaan en minder bedrijfswagens op de Belgische wegen zullen tuffen. Het Planbureau ziet het niet gebeuren, zeker niet voor chauffeurs die veel rijden - de gemiddelde bedrijfswagen legt jaarlijks 30.000 kilometer af. De conclusie dat veel mensen hun wagen niet zullen inruilen, sluit aan bij wat uit talloze enquêtes en onderzoeken naar voren is gekomen: hooguit de helft van de werknemers die een bedrijfswagen hebben, zou nog maar overwegen voor cash te kiezen.

Idem bij een nieuwe bevraging van de hr-dienstverlener Acerta bij ruim 300 bedrijfsleiders en hr-managers: 80 procent van hen gelooft niet dat hun werknemers geïnteresseerd zijn. ‘Bijna de helft verwacht dat geen enkele werknemer de firmawagen zal willen ruilen voor cash. En ruim een derde stelt dat maximaal 10 procent van hun werknemers met een firmawagen op het aanbod zal willen ingaan’, zegt Dirk Wijns, directeur bij Acerta.

1. Hoeveel bedraagt mijn mobiliteitsbudget als ik mijn bedrijfswagen inlever?
Het uitgangspunt voor het mobiliteitsbudget is de cataloguswaarde van de ingeleverde bedrijfswagen. Ongeacht de leeftijd van de wagen wordt die cataloguswaarde beperkt tot 6/7de en vervolgens gespreid over vijf jaar. Het resultaat is uw mobiliteitsbudget voor een jaar. Wordt een stukje loon afgehouden als vergoeding voor het privégebruik van uw bedrijfswagen? Die eigen bijdrage moet van de cataloguswaarde afgetrokken worden.

De meeste werknemers krijgen samen met hun bedrijfswagen ook een tankkaart. Om de brandstofkosten te compenseren, wordt het mobiliteitsbudget met 20 procent verhoogd als de tankkaart ook wordt ingeleverd. ‘Het mobiliteitsbudget wordt vastgesteld op het moment dat de bedrijfswagen wordt ingeleverd. De jaren nadien zal het alleen nog aangepast worden in functie van de gemiddelde evolutie van de catalogusprijs van wagens op de Belgische markt. Het kan niet opgetrokken worden als u bijvoorbeeld promotie maakt en in die nieuwe functie aanspraak kan maken op een duurdere bedrijfswagen’, merkt Wijns op.

Voor het mobiliteitsbudget is geen maximumbedrag vastgelegd. Hoe duurder de wagen, hoe hoger het budget. Zo levert een Tesla met een cataloguswaarde van 88.000 euro plus tankkaart een budget op van 18.103 euro per jaar.

2. Hoeveel krijg ik daar netto van in handen?
Finaal telt alleen wat u op uw bankrekening ontvangt. Dat geld heeft u immers nodig om uw verplaatsingen te financieren. Het mobiliteitsbudget wordt niet belast als een gewoon loon: u betaalt hetzelfde aan belasting als die welke verschuldigd is op uw bedrijfswagen. De belasting blijft berekend worden op het voordeel van alle aard van de ingeleverde bedrijfswagen. Dat hangt af van de CO2-uitstoot, het type brandstof, de cataloguswaarde en de leeftijd van uw wagen. U vindt dat voordeel van alle aard onder andere terug op uw maandelijkse loonfiche.

Of u al dan niet een tankkaart hebt, doet er niet toe. Socialezekerheidsbijdragen moet een werknemer niet betalen, alleen de werkgever betaalt een solidariteitsbijdrage.

3. Kan iedereen zijn bedrijfswagen omruilen?
Alleen werknemers kunnen in deze eerste fase hun bedrijfswagen inruilen, zelfstandige bedrijfsleiders niet. ‘Na een jaar volgt een evaluatie en kan bekeken worden of het mobiliteitsbudget uitgebreid wordt naar zelfstandige bedrijfsleiders’, klinkt het op het kabinet van minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA).

Alleen werknemers zullen in de eerste fase hun bedrijfswagen kunnen inruilen, zelfstandige bedrijfsleiders niet.

Een werknemer kan vrij kiezen of hij overstapt op een mobiliteitsbudget. Ook de werkgever kan vrij beslissen of hij een mobiliteitsbudget invoert en of hij het toekent aan de aanvragende werknemers. ‘De kans lijkt me zeer gering dat een werkgever zal toestaan dat een leasewagen voor de vervaldag wordt ingeleverd, aangezien dan verbrekingsvergoedingen verschuldigd zijn aan de leasemaatschappij’, zegt Frank Van Gool, directeur van de federatie van leasingmaatschappijen en autoverhuurders Renta. Zowat de helft van de bedrijfswagens is geleased, met een gemiddelde looptijd van 48 maanden.

Sowieso kan een mobiliteitsbudget pas nadat een werkgever al minstens drie jaar bedrijfswagens aan zijn personeel heeft gegeven. Alleen voor startende bedrijven - jonger dan drie jaar - zal een uitzondering gemaakt worden. Een werknemer zal de voorbije drie jaar minstens twaalf maanden ononderbroken een bedrijfswagen ter beschikking moeten hebben, waarvan minstens drie maanden ononderbroken voor de aanvraag.

4. Wat als ik een andere functie krijg of overstap naar een andere werkgever?
‘Als een werknemer een nieuwe functie krijgt zonder recht op een firmawagen, zal hij zijn mobiliteitsbudget verliezen’, zegt Wijns. Werknemers nemen na een carrièreswitch hun rechten mee. Wie al een mobiliteitsbudget had, zal dat bij een nieuwe werkgever onmiddellijk kunnen voortzetten, als die werkgever ook het mobiliteitsbudget aan zijn werknemers aanbiedt. Werknemers die al een bedrijfswagen hadden maar niet de vereiste minimumtermijn van twaalf maanden halen, bouwen die vereiste termijn verder op bij een nieuwe werkgever.

5. Krijg ik boven op mijn mobiliteitsbudget nog een vergoeding voor woonverkeer?
Wie zijn bedrijfswagen inlevert, moet zich nog altijd van en naar het werk begeven. ‘Boven op het mobiliteitsbudget kan de werkgever een vergoeding voor woon-werkverkeer moeten betalen. Of en hoeveel vergoeding betaald moet worden, verschilt naargelang het gekozen vervoermiddel’, zegt Wijns.

‘Wie ervoor kiest met een eigen wagen naar het werk te gaan, zal van zijn werkgever geen vergoeding meer krijgen voor zijn woon-werkverkeer. Wordt die pendel toch nog vergoed, dan zal die belast worden als gewoon loon’, vervolgt Wijns.

Als u in de toekomst kiest voor de trein, zegt het akkoord dat uw werkgever wél verplicht is een vergoeding te betalen. Die is vrij van belastingen en socialezekerheidsbijdragen. Vaak wordt gewerkt met een derdebetalersregeling, waardoor u zelf helemaal niets betaalt. De werkgever betaalt dan minstens 80 procent van de prijs van het treinabonnement rechtstreeks aan de NMBS, de overheid past de resterende 20 procent bij.

Voor de tram, bus en metro moet uw werkgever ook verplicht tussenbeide komen zodra uw traject minstens 5 kilometer bedraagt. Voor kortere verplaatsingen moet dat alleen als de sector het verplicht. De terugbetaling verschilt naargelang de ticketprijs vast is of varieert in functie van de afstand. Ook op die terugbetaling betaalt u geen belastingen of socialezekerheidsbijdragen.

Rijdt u met de fiets? Een werkgever is niet verplicht een fietsvergoeding te betalen, tenzij daarin op sector- of ondernemingsniveau of in de individuele arbeidsovereenkomst is voorzien. Een fietsvergoeding tot 23 cent per getrapte kilometer is vrijgesteld van bijdragen en belastingen. Wie bijvoorbeeld op 10 kilometer van zijn werk woont, kan zo ruim 1.000 euro per jaar opstrijken. De fietsvergoeding kan ook betaald worden als u met een ‘klassieke’ elektrische fiets - ondersteund tot 25 kilometer per uur - rijdt. Voor de snelle elektrische fietsen of speed pedelecs - die tot 45 kilometer per uur halen - is het wachten op de aangekondigde wetswijziging.

6. Wat als ik tijdens de werkuren de baan op moet als ik geen bedrijfswagen meer heb?
‘Wellicht zal een werkgever niet de mogelijk bieden om een bedrijfswagen om te ruilen die ook regelmatig professioneel gebruikt wordt’, meent Wijns. Werknemers die met hun privéwagen naar een klant of vergadering buitenshuis rijden, krijgen doorgaans een forfaitaire kilometervergoeding. Het maximale bedrag dat als kostenvergoeding aanvaard wordt, bedraagt sinds 1 juli 0,346 euro per kilometer.

7. Wat kost een auto als ik die privé koop?
U wilt uw bedrijfswagen wel inleveren, zelf een wagen kopen en hopelijk nog wat overhouden. Is dat realistisch?

U zult zich aan het rekenen moeten zetten. We geven enkele voorbeelden en aanzetten om zelf uw huiswerk te maken. Met de hulp van de automobielorganisaties Touring en VAB maakten we de rekening voor een VW Golf Trendline (1400 cc, 8 fiscale PK, 92 kW, 120 g CO2), die gedurende acht jaar zowat 20.000 kilometer per jaar zou rijden. Die wagen kost een kleine 22.000 euro. Met alle kosten erbij loopt de rekening op tot bijna 6.100 euro per jaar, of ruim 500 euro per maand. Daarbij rekenden we met 800 euro aan onderhoudskosten per jaar, wat volgens de automobielorganisaties nog vrij optimistisch is.

De eenmalige belasting op inverkeerstelling (BIV) voor die VW Golf is ruim 160 euro en de jaarlijkse verkeersbelasting (JVB) een kleine 200 euro. Hoeveel beide heffingen bedragen voor een wagen kunt u online berekenen op het Belastingportaal Vlaanderen. Voor een BMW 520i Berline op benzine (basisversie, euronorm 6, 11 fiscale PK, 124 g CO2) tikken de heffingen bijvoorbeeld aan tot 222 euro aan BIV en 361 euro aan JVB.

Voor de verzekering kozen we voor de VW Golf gedurende de eerste drie jaar voor de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid (BA) plus omnium plus rechtsbijstand, wat ruim 880 euro per jaar zou kosten. Voor de volgende vijf jaar lieten we de omnium vallen en zakte de prijs naar net geen 300 euro per jaar. Voor de BMW komt de verzekeringspremie op ruim 1.070 euro voor BA plus een ruime omnium, op zowat 815 euro voor BA met een ‘lichte’ omnium, of 346 euro louter voor de verplichte verzekering BA, telkens met rechtsbijstand erbij.

De BMW stelt het volgens de brochure met 5,4 liter benzine, die nu te vinden is voor zowat 1,3 euro per liter: dat betekent 11.232 euro voor acht jaar rijgenot.

Maken we de som voor de BMW, met 1.000 euro gemiddeld per jaar aan onderhoudskosten incluis, dan komen we op ruim 77.500 euro uit, of net geen 9.700 euro per jaar, dat is iets meer dan 800 euro per maand. Toegegeven, we hebben dan geen herverkoopprijs meegerekend. Afgaande op zoekertjes die circuleren, schatten we dat u ongeveer 10.000 euro kan vragen voor de acht jaar oude BMW met 160.000 kilometer op de teller. Dat drukt de prijs per maand naar 700 euro voor acht jaar gebruik.

Wilt u met uw mobiliteitsbudget een eigen wagen kopen, dan zult u wellicht moeten overstappen op een (flink) kleinere wagen.

Meestal zult u netto enkel wat overhouden als u overstapt op een flink kleinere wagen. Doen we de oefening nog eens voor de basisversie van de Kia Venga (startprijs 15.890 euro incl btw, 8 fiscale PK, 140 g CO2, verbruik 6 liter benzine), waarmee we acht jaar lang 20.000 kilometer hopen te rijden, dan komen we aan een jaarlijkse kostprijs van ongeveer 5.000 euro. Zijn we optimistisch en houden we de gemiddelde onderhoudskosten op 700 euro per jaar, dan landen we net onder 5.000 euro. Met 900 euro aan onderhoudskosten per jaar, komen we ruim boven 5.100 euro per jaar uit. Omgerekend 414 à 430 euro per maand. Overigens gelden voor deze kleine Kia door zijn vrij hoge uitstoot hogere belastingen dan voor de BMW.

8. Kan private leasing interessant zijn?
Een luxe voor bedrijfswagenrijders is dat ze zich geen zorgen hoeven te maken over verzekering, belastingen, onderhoud, bandenwissels… Wie dat autorijden zonder zorgen wil voortzetten, kan eventueel kiezen voor private leasing. U moet zich er dan wel overheen zetten dat u de wagen niet echt bezit en dat u de kleur, bekleding en opties niet vrijuit kan kiezen.

Voor een kleine auto - genre Peugeot 108, Citroën C3 of VW Up - kan dat al voor ongeveer 200 euro per maand. Met een budget van zowat 300 euro per maand hebt u via private leasing een VW Polo, Opel Astra, of Audi A1 Sportback (prijzen bij DirectLease). In de prijs zitten al de onderhoudskosten, verzekering (evenwel met franchise), banden, pechverhelping, taksen, … maar geen brandstofkosten. Voor die prijs mag 10.000 kilometer per jaar gereden worden. Wie meer rijdt, betaalt 6 cent per kilometer bij: 5.000 kilometer extra kost dus 300 euro. 

Bij veel automerken kunt u tegenwoordig ook een wagen privaat leasen, met wat meer mogelijkheden om het pakket aan te passen, en bijvoorbeeld meteen in te calculeren dat u meer kilometers per jaar wenst te doen.